Eenvoudig kaartje begin van warme vriendschap tussen jong en oud
27-09-2011 - “Hallo. Mijn naam is Lotte. Ik zit in groep 7 van de Julianaschool en ik ben gek op dieren, vooral honden en paarden. Heeft u ook nog hobby’s? Het lijkt me leuk een keertje bij u langs te komen.” Een simpel lief kaartje. Dat moet het begin worden van een warm contact tussen jong en oud.
Het Nationaal Ouderenfonds heeft daarom samen met de Nationale Onderwijsweek alle basisscholen in Nederland aangeschreven om mee te werken aan het project Jong voor Oud. Ook hebben alle verzorgingshuizen in Nederland deze week de Onderwijskrant ontvangen, waarin ze uitgebreid worden geïnformeerd over het project.
De aftrap voor Jong voor Oud wordt gegeven op vrijdag 30 september, in de hoop dat op zaterdag 1 oktober - de Internationale Dag van de Ouderen – al heel wat ouderen in woonzorgcentra in Nederland zo’n lief, vriendelijk kaartje op de deurmat vinden.
“Alleen dat geeft al een ontzettend warm gevoel en helpt echt tegen de bestrijding van eenzaamheid”, weet directeur Jan Romme van het Nationaal Ouderenfonds.
Structureel contact
Het doel van Jong voor Oud is echter om uiteindelijk te zorgen voor een structureel contact tussen jongeren en ouderen. Kinderen kunnen daarbij ook echt iets voor de ouderen betekenen en andersom kunnen ouderen ook op scholen heel waardevol zijn, door te helpen bij activiteiten of kennis over te brengen.
Zo kunnen kinderen bijvoorbeeld een stukje met ouderen gaan wandelen of helpen met het verzorgen van huisdieren van ouderen. Daarnaast zouden leerlingen van groep acht de vaak jaarlijks terugkerende musical kunnen opvoeren in het verzorgingshuis in de wijk. Op hun beurt kunnen ouderen bijvoorbeeld in de vakantieperiode de plantjes van de scholen verzorgen, kunnen ze in de klas komen voorlezen of komen vertellen over hoe het leven vroeger was.
Eenzaamheid
Eenzaamheid is een groot probleem onder ouderen in Nederland. Maar liefst een miljoen 65-plussers zeggen zich regelmatig eenzaam te voelen. Zo’n 200.000 ouderen zijn extreem eenzaam. Zij krijgen hooguit één keer per maand bezoek of een telefoontje.
Ruim 10.000 bewoners van woonzorgcentra in Nederland krijgen nooit bezoek. Een op de vijf bewoners gaat minder dan een keer per maand naar buiten.






